Wat is de invloed van Guerrilla op de Nederlandse gamesindustrie? En hoe Nederlands is de grootste gamesstudio van het land eigenlijk nog?
GEPUBLICEERD IN CONTROL NUMMER 11
In een typisch Amsterdams grachtenpand, vijf of zes verdiepingen hoog, schuilt het grootste creatieve team ooit in Nederland bijeen gebracht. 135 professionele artists, programmeurs, designers, animatoren en producers werken aan één product. Niemand binnen Guerrilla Games zegt het hardop, maar dat product, Killzone 2, is de grootste Nederlandse culturele productie ooit.
Groter dan welk muziekalbum, theaterstuk of film ooit. Groter in manuren, in budget, in (verwachte) omzet en helemaal in impact.
Wat is nou eigenlijk het Nederlands gehalte van de game, gemaakt in een studio die in Japanse handen is en waar een aanzienlijk deel van de werknemers een ander paspoort heeft? Om te beginnen heeft het grootste deel van het team wél de Nederlandse nationaliteit, een hoger percentage dan bij sommige teams uit de Eredivisie. En binnen dat team zijn bijna alle key-posities ingenomen door Nederlanders: de Managing Director (Hulst), Art-director (Van Beek), Development Director (Brussee), componist (De Man), Lead AI (Straatman), Senior Producers (Smets en Ter Heide) en tal van andere ‘leads’ - het zijn allemaal Hollanders.
Ook de omgeving heeft invloed op het spel. Managing Director Hermen Hulst: “Dat is meer Amsterdam dan Nederland. Zo is er een level met grachten, dat is bewust of onbewust heel Amsterdams. Maar wat nu precies de invloed is, is moeilijk te zeggen.”
Killzone 2 is in elk geval een zeer Europees product. “Wij maken een game voor een zo breed mogelijke doelgroep. Natuurlijk niet alleen voor de Benelux-markt. Maar het is wel een game die Amerikanen niet maken. De stijl die wij gebruiken, ik noem het graag gritty of edgy, zie je niet snel in Amerikaanse games.”
Een Guerrilla in ons midden
Op de vraag wat de impact van Guerrilla Games is op de Nederlandse gamesindustrie, volgt een korte stilte. “Goh, daar zijn we eigenlijk helemaal niet mee bezig. We leven van dag tot dag, we willen de PS3 laten ‘shinen’.”
Werkt het succes van Guerrilla niet als een grote spons? Het bedrijf trekt al het nationale talent aan waardoor er voor andere studio’s nog slechts de B-keuze blijft? “Hm, zoiets heb ik nog niet van andere developers vernomen. Iedereen profiteert van een zo groot mogelijke gamesindustrie. Wij hebben zelf veel baat bij de toename van het aantal studio’s. We zoeken immers mensen met ervaring.”
Iets bijzonders
Hulst laat zich niet verleiden tot grootse woorden over de magnitude van Guerrilla’s productie. En ook Producer Angie Smets neemt slechts bescheiden woorden in de mond. “Je zit zo in het maken van die game, je bent zo naar binnen gericht. Nu pas begint het een beetje te komen, het besef dat het toch wel iets heel bijzonders is.”
De invloed van Amsterdam ziet Smets vooral terug in het aantrekken van buitenlands talent. “Het scheelt wel of je iemand naar, laten we zeggen, Zuidoost Groningen wil halen, of naar Amsterdam. Deze stad heeft toch allure.”
Balkenende & Verdonk
Hoe groot de productie ook mag zijn, en hoe groot de impact van het spel op de wereldwijde gamesindustrie ook uitvalt, in Nederland zelf was er tot voor kort opvallend weinig aandacht voor dit nieuwe cultuur-record. Toch is er juist vanuit de politiek al geregeld belangstelling getoond. Managing Director Hulst: “Ik ben een keer met burgemeester van Amsterdam Job Cohen, naar Californië geweest om daar op een soort handelsmissie bedrijven te bezoeken. We hebben hier ook een hoop politici over de vloer gehad. Zo wilde Verdonk bijvoorbeeld weten hoe wij omgaan met het grote percentage buitenlandse werknemers en heb ik een keer gegeten met Balkenende. Die was geïnteresseerd in innovatieve bedrijven. Kortom, de belangstelling vanuit de politiek is er dus wel geweest.”
Of die laatsten in maart hun eigen avontuur op Helghan beleven is natuurlijk nog maar de vraag. Het lijkt erop dat de aandacht vanuit de politiek voor de gamesindustrie vooral gericht is op het inperken van de vrijheden van ontwikkelaars. Gezien de hoeveelheden vrijelijk rondvliegend bloed, trekt de studio zich daar vooralsnog weinig van aan. |
“Killzone, douze points”
14 keer vertaald
Killzone 2 wordt wereldwijd uitgebracht in zeven verschillende gesproken talen (Engels, Duits, Frans, Spaans, Italiaans, Pools en Japans) en de handleiding en ondertiteling in 14 talen. Producer Angie Smets: “Sony vroeg ons of we ook Nederlandstalige audio wilde, maar we hebben ze duidelijk gemaakt dat Nederlanders daar echt niet op zitten te wachten.” Killzone 2 heeft een PEGI rating van 18+. In Amerika heeft het spel een M sticker op de doos (Mature, 17+). In Japan moet de game iets worden aangepast voor release. Zo zit er nog wel bloed in, maar beduidend minder dan elders. En de ragdoll physics moeten uitgezet worden als een vijand eenmaal dood is (in het kader van respect voor overledenen).







